Help mantelzorgers te durven vragen

Toenemende druk
Onderweg naar mijn werk bij StiB hoor ik op de radio een bericht over de decentralisaties in de zorg. ‘Nu mensen langer thuis blijven wonen, worden de situaties complexer’, vertelt een wijkverpleegkundige. Dat merken we bij StiB ook: de druk op mantelzorgers neemt toe. Ze moeten dealen met ingewikkelde problematiek en intensieve zorg. Dat vinden ze vaak zwaar, maar vooral heel vanzelfsprekend. Ze zien zichzelf zich daarom ook niet als mantelzorger. Als ze het woord al kennen, vinden ze het niet op zichzelf van toepassing.

In voor- en tegenspoed
Zoals de echtgenote die al vier jaar voor haar man met dementie zorgt. Vorige week belde ze voor het eerst met StiB. ‘In het begin ging het allemaal vanzelf. Ik was thuis altijd al degene die zorgde, dat is zo gegroeid. Het is toch logisch dat ik een briefje ophang op de deuren waar een WC achter zit? En dat ik hem verschoon als hij het niet op tijd redt? In voor- en tegenspoed, zo heb ik het immers beloofd.’

Moedig
Bij StiB weten we hoeveel moed het vaak vergt van mantelzorgers om te bellen. Het durven vragen om hulp is voor mensen een belangrijke stap. Voor veel mensen voelt hulp vragen als toegeven dat ze het zelf niet meer redden. Of ze zijn bang dat ze de ander belasten met hun vraag, dat het evenwicht in de relatie verstoord raakt. Sommige mensen hebben er moeite mee om relatieve buitenstaanders over de vloer te krijgen.

Volhouden
Er zijn nog veel meer mantelzorgers zoals deze vrouw. Sterke mensen die eigenlijk vinden dat ze het allemaal zelf moeten kunnen. Als praktijkondersteuner, thuiszorgmedewerker of transferverpleegkundige ontmoet je ze dagelijks. Misschien ben je huisarts, Wmo-klantmanager of fysiotherapeut: ook jij ziet geregeld dat de situatie eigenlijk te zwaar aan het worden is. En je weet dat de mantelzorger het langer volhoudt als die ook goed voor zichzelf zorgt.

Hulp bij het vragen
Als professional kun je de mantelzorger helpen om vraagverlegenheid te overwinnen. Maak dat bespreekbaar en probeer erachter te komen waarom iemand het lastig vindt om hulp te vragen. Het kan de mantelzorger over een drempel helpen dat jij als professional objectief kan aangeven dat een situatie zwaar kan worden en dat je inschat dat het zo niet lang meer vol te houden is.

Concreet
Mensen willen over het algemeen graag iets voor een ander doen. Alleen weten ze vaak niet wat. Daarom is het goed als de mantelzorger zelf de eerste stap zet. Probeer samen met de mantelzorger de vraag zo concreet mogelijk te formuleren. Want dan weet de ander precies wat de bedoeling is en kan hij ja of nee antwoorden.

Wie doet wat?
Bij StiB kijken we altijd samen met de mantelzorger naar diens netwerk. Dat kun jij als professional ook doen. Bespreek met de mantelzorger wie waarvoor ingeschakeld kan worden. Bijvoorbeeld een nichtje om de bezoeken aan de fysiotherapeut te begeleiden. En de buurvrouw om wat boodschappen mee te brengen als ze toch naar de winkel gaat. En vergeet niet dat het ook heel fijn kan zijn als de mantelzorger iemand heeft die helpt zijn of haar vragen in kaart te brengen.

Drempels omlaag
Bij StiB helpen we voortdurend de drempel te verlagen bij het vragen om hulp. Dat kunnen we als StiB niet alleen, daar we hebben onze partners in zorg en welzijn bij nodig. Door in elk contact met een mantelzorger te benadrukken hoe fijn het is dat hij/zij er is. En hoe belangrijk het is om tijdig hulp te vragen. Want de mantelzorger moet allereerst goed voor zichzelf zorgen, en dan pas voor de ander. Dat is de enige manier om de zorg lang vol te houden.

Dit blog is geschreven aan de hand van een interview met Joyce Luijbregts. Zij is coördinator Chronisch zieken bij StiB.

Joyce Luijbregts_webversie
Disclaimer Design door BuroPARK