menu menu

Vrijwilliger Francine: "Ik wil de dood meer bij het leven betrekken"

Lees voor

Francine Habraken (69) is een half jaar actief als vrijwilliger voor het aandachtsgebied ‘steun bij verlies’. Mantelzorgen stopt wanneer degene voor wie je zorgt overlijdt. Dan begint het verwerken van het verlies. Het hoeft niet altijd om een overlijden te gaan. Wanneer iemand bijvoorbeeld in een verpleeghuis wordt opgenomen, kan dit voor de mantelzorger een groot verlies zijn. Mantelzorgers lopen soms vast in het omgaan met het verdriet en hebben behoefte aan een steuntje in de rug. Bij StiB kun je die ondersteuning aanvragen. Francine is een van de vrijwilligers die ondersteunt door het voeren van gesprekken.

Waaier
Francine legt uit hoe ze naar rouw kijkt: “Ik zie rouw als een grote waaier. Als de waaier dicht is, is de beleving van rouw letterlijk rauw. Het verdriet wordt heel intens ervaren. Mensen voelen zich soms letterlijk ontworteld. Dit hangt ook af van de relatie met de overledene en hoe het proces van overlijden is gegaan. Hebben mensen de tijd gehad om afscheid te nemen en aan het idee te wennen? Kwam het overlijden plotseling? Was er sprake van veel pijn? Na een tijdje ontvouwt de waaier zich langzaam. Door de rouw heen wordt het leiden van het eigen leven weer zichtbaar. De achtergeblevene moet als het ware opnieuw zijn of haar eigen boompje planten. Ik wil mensen helpen hun weg te vinden in dat proces.”

Studentendecaan
Voor Francine is het onderwerp omgaan met verlies niet vreemd. Ze werkte voor haar pensionering als studentendecaan in het hoger onderwijs en begeleidde dagelijks studenten die problemen ervaarden, waaronder verlieservaringen. Ook trainde ze mensen in omgaan met verlies. “Ik wil de dood meer bij het leven betrekken. Het hoort erbij. Alleen al het gegeven dat je niet het eeuwige leven hebt, bepaalt de manier waarop je leeft. Je zou anders alles uit kunnen stellen. In een leven met eindigheid kan dat niet.”

Het paste niet
Na haar pensioen wilde Francine graag mensen ondersteunen in de laatste levensfase. Ze deed vrijwilligerswerk in een hospice en ontdekte dat dit niet bij haar paste. “Ik wil graag gesprekken voeren met mensen. Maar er kwam veel meer bij kijken. Ik was daar niet helemaal op mijn plaats. Toen StiB me vroeg om mee te werken aan deze nieuwe vorm van ondersteuning bij verlies, was ik meteen enthousiast. Dat ben ik nog steeds.”

Niet willen belasten
Op dit moment begeleidt Francine twee vrouwen die beiden met een verlies kampen. “De gesprekken gaan in eerste instantie vaak over waar ze in het dagelijks leven tegenaan lopen. Het leven van alledag is weer belangrijk geworden. De rouw raakt in de gesprekken al meer naar de achtergrond. Maar altijd in het gesprek komt een moment dat we het over het verlies van de overledene hebben en hoe ze hiermee omgaan. Ze willen hun omgeving niet belasten met hun verdriet. Bij mij hoeven ze daar geen rekening mee te houden, dat is fijn. Maar ik zeg ook dat ze altijd aandacht voor zichzelf mogen vragen. Het is geen zeuren.”

De gereedschappen zitten in onszelf
“Niemand leert ons vooraf hoe we met verlies om moeten gaan. Dat leren we doordat we het meemaken. De gereedschappen om ermee om te gaan, zitten in onszelf, in onze eigen unieke kracht. Ik probeer hen te helpen die eigen unieke krachten aan te spreken. En daarin ook de gereedschappen te vinden. Zo kan het vinden van contact met de overledene kracht en steun geven. Veel mensen branden kaarsjes voor een overledene. Je kunt ook brieven naar de overledene schrijven. Zo houdt een overledene een rol in je leven.”

Lichtheid
In beide trajecten spraken we in het begin iedere twee weken af. Dat deden we in overleg. Afspreken kan bij iemand thuis of bij StiB in een spreekkamer. Inmiddels zit er meer tijd tussen de gesprekken. Ik wil mantelzorgers begeleiden tot ze het gevoel hebben zelf verder te kunnen. Of meer structurele zorg gevonden hebben als dat nodig is. Mijn leven is goed in balans en ik voer deze gesprekken graag. De gesprekken eindigen altijd met een zekere lichtheid, waardoor we beiden goed verder kunnen met de dag. Ik ontvang positieve woorden van de vrouwen die ik begeleid. Ik zou mensen willen uitnodigen gebruik te maken van deze mogelijkheid die StiB biedt.”

Tekst en foto: Mariska van Dijk

Terug naar verhalen van vrijwilligers
Heeft deze informatie je geholpen?
  • Ja
  • Nee
Bedankt voor uw feedback
Disclaimer Privacystatement Cookies Sitemap